Wat zijn mogelijke micro-interventies?

Hoe kan ik verbeteren?

Schakel bewust tussen de grote lijn en specifieke details in het hier en nu. Verplaats je in anderen die onderdeel zijn van het grotere plaatje.  Mogelijke reflectie-vragen:

  • Globaal: Welke hoofdlijnen spelen er in mijn omgeving?
  • Specifiek: Wat doe ik en hoe past dat precies in dat grotere geheel?
  • Anderen: Wat vinden anderen belangrijk?

Samen verbeteren

  • Richt de focus op het verband tussen ‘groot’ en ‘klein’
  • Investeer in goede relaties met de omgeving van het team of project;
  • Werk vanuit een professioneel kader: ‘werk outside in’.

Andere interventies

Stel regelmatig de HOE-vraag: Hoe gaan wij  dit (omgeving) vertalen naar onze eigen praktijk?

Werk met technieken voor:

  • Het opstellen van een ‘customer journey’
  • Het visualiseren van stakeholders, belangen en ketenprocessen

Grote plaatje naar taak

Gaat het te snel voor je en verlies je zicht op het grotere geheel?

We zijn in staat het grote plaatje te vertalen naar de individuele taak

Bijna een derde van teamleden weet eigenlijk niet hoe zij het grote plaatje moeten vertalen naar hun eigen werk. De tijd of vaardigheid om samenhang te zien ontbreekt. De oorzaak kan liggen op het vlak van gebrekkige kennisdeling of een te oppervlakkige samenwerking. (Bron: onderzoek verschil maken als verbinder)

Collectieve context

collectieve-contextEen collectieve context is het verhaal of de samenhang waarin we ons eigen werk plaatsen. Het is ons persoonlijk beeld en beleving voor wie we het doen en waarom we het doen. Hoe meer we deze context met elkaar afstemmen, hoe groter de kans dat onze keuzes en acties elkaar versterken. Dit kunnen we bespreken aan de hand van de volgende succesmarkers:

  • Gedeelde visie 
  • Samenhang deelresultaten
  • Afhankelijkheden eigen taak
  • Eindresultaat motiveert
  • Grote plaatje naar taak