Wat zijn mogelijke micro-interventies?

Hoe kan ik verbeteren?

Qua mindset is het vertrekpunt dat je het verband zoek tussen het grotere plaatje en je eigen taak:

  • Welke sturing is nodig ten behoeve van het grotere geheel?
  • Welke sturing hebben wij als team nodig?
  • Welke sturing heb ik nodig om optimaal te functioneren?

Vervolgens maak je onderling afspraken over:

  • Autonomie  (werken zonder sturing)
  • Afstemming (wederzijds afhankelijk)
  • Aansturing (anderen volgen)

Samen verbeteren

Sturing is niet iets wat je overkomt, maar wat je mee-maakt. Ook opdrachtgevers, leidinggevenden en de ondersteunende management disciplines zijn een onderdeel van de collectieve context.

  • Bespreek met opdrachtgevers, leidinggevenden anderen die het team ‘aansturen’ welke stuurprincipes er gelden.
  • Maak met hen en in het team afspraken over autonomie, afstemming en aansturing.

Andere interventies

Bepaal ‘toleranties’ (Projecten)

Gebruik een ‘sprint-aanpak’ en een  ‘product backlog’ (Agile)

Optimale sturing

Teams lossen het zelf wel op

Wij ervaren dat resultaten ontstaan zonder overmatige planning, controle of management

Een veelgehoorde klacht is dat teams te veel planning, controle of management van anderen ervaren. Eigenlijk is dit een oproep om teams zo autonoom mogelijk te laten werken. De voorwaarde is dan wel dat teams goed georganiseerd zijn en effectief met de omgeving afstemmen. Een optimale sturing is nodig zodat een team in de flow kan komen en daardoor beschikbare tijd en geld duurzaam inzet. (Bron: onderzoek verschil maken als verbinder)

Aanpassingsvermogen

aanpassingsvermogenAls de wereld verandert, dan zullen we zelf ook moeten veranderen. Oude gewoontes en denkwijzen (tijdelijk) loslaten als het niet meer werkt. Het samen anders doen dan toen. Experimenteren met vallen en opstaan om beter te zijn dan vroeger. De beste resultaten ontstaan door een gezonde wisselwerking tussen mensen die samen flexibel kunnen zijn. Daarom is het belangrijk aandacht te geven aan:

  • Energie door wisselwerking
  • Voldoende hulpbronnen
  • Balans verwachting realiteit
  • Flexibele groep
  • Optimale sturing